Regeling van de Minister van Justitie van 23 juli 2009, nr. 5612426/09, houdende verlening van mandaat aan de Raad voor rechtsbijstand te ’s-Hertogenbosch betreffende het verlenen van subsidies en het vaststellen van beleidsregels dienaangaande

De Minister van Justitie,

Gelet op de artikelen 10:3, 10:4, eerste lid, 10:9 en 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 48c en 48d van de Wet Justitie-subsidies;

Besluit:

Artikel 1

Aan de raad voor rechtsbijstand ’s-Hertogenbosch wordt mandaat verleend tot:

  • a. het nemen van besluiten met betrekking tot het verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 48c van de wet Justitie-subsidies;

  • b. het vaststellen van beleidsregels met betrekking tot de onder a verleende bevoegdheid.

Artikel 2

De raad voor rechtsbijstand ’s-Hertogenbosch kan van het aan hem bij artikel 1, onder a, verleende mandaat ondermandaat verlenen aan één of meer onder deze raad ressorterende functionarissen.

Artikel 3

  • 1. Aan de raad voor rechtsbijstand te ’s-Hertogenbosch wordt mandaat en machtiging verleend om bezwaar en beroep te behandelen als bedoeld in de hoofdstukken 6, 7 en 8 van de Algemene wet bestuursrecht en klachten te behandelen als bedoeld in titel 9.1 van de Algemene wet bestuursrecht.

  • 2. Het krachtens het eerste lid verleende mandaat en de machtiging kunnen verder worden doorgegeven aan onder de raad ressorterende functionarissen, waarbij niet wordt toegestaan dat functionarissen besluiten nemen in bezwaar of klachten behandelen over besluiten of gedragingen waarbij zij zelf betrokken zijn geweest.

Artikel 4

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag, 23 juli 2009

De Minister van Justitie,

E.M.H. Hirsch Ballin.

TOELICHTING

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) heeft in zijn uitspraak van 20 augustus 2008 (zaaknummer 200708179/1) opgemerkt dat de mandaatverlening zoals vastgelegd in artikel 2 van het Besluit subsidie bewindvoerder schuldsanering, zonder formeelwettelijke grondslag heeft plaatsgevonden. Door de Afdeling zijn aan deze onverbindendheid echter geen consequenties verbonden, aangezien de Minister van Justitie tot mandaatverlening kan overgaan, het voornoemde Besluit onder de verantwoordelijkheid van de Minister van Justitie tot stand is gekomen en eiser niet in haar belangen is geschaad.

Thans wordt gewerkt aan een nieuwe vergoedingsstructuur voor bewindvoerders benoemd in de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen. In dat kader zullen de bevoegdheden op grond van de artikelen 48c en 48d van de Wet Justitie-subsidies opnieuw kunnen worden bezien.

Tot die tijd wordt, in het licht van voornoemde uitspraak van de Afdeling, in onderhavige mandaatregeling aan de raad voor rechtsbijstand ’s-Hertogenbosch (hierna; de raad) de bevoegdheid toegekend om namens de Minister van Justitie subsidies te verstrekken, alsmede de bevoegdheid om namens de Minister van Justitie in het kader van de uitoefening van die bevoegdheid beleidsregels vast te stellen. Deze regeling omvat tevens het behandelen van zaken in bezwaar en beroep en het behandelen van klachten door de raad. Aangezien de raad niet werkzaam is onder de verantwoordelijkheid van de Minister is ingevolge artikel 10:4 Awb instemming vereist van de raad met de mandaatverlening. De raad is van het voornemen tot deze mandaatverlening in kennis gesteld en heeft daarmee ingestemd.

Den Haag, 23 juli 2009

De Minister van Justitie,

E.M.H. Hirsch Ballin.

Naar boven