Besluit van 5 juni 2026, houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 83), en tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van het besluit van 19 mei 2026 tot wijziging van het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 102)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat van 29 mei 2026, nr. IenW/BSK-2026/83797, Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken;

Gelet op artikel IV van de wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 83) en artikel III van het besluit van 19 mei 2026 tot wijziging van het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 102);

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel I

De wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 83), met uitzondering van artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel e, van de Wet milieubeheer, treedt in werking met ingang van 20 juni 2026 en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

Artikel II

Het besluit van 19 mei 2026 tot wijziging van het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 102), treedt in werking met ingang van 20 juni 2026 en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

Onze Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 5 juni 2026

Willem-Alexander

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, A.W.H. Bertram

Uitgegeven de tiende juni 2026

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel

NOTA VAN TOELICHTING

Dit besluit regelt de inwerkingtreding van de implementatiewetgeving van het vervoerdeel van de gewijzigde Richtlijn hernieuwbare energie (RED III)1 per 20 juni 2026, met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026. De implementatie van de RED III vindt plaats door middel van de wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns2, met het besluit van 19 mei 2026 tot wijziging van het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging3 en met de wijziging van 5 mei 2026 van de Regeling energie vervoer en de Regeling brandstoffen luchtverontreiniging4. In dit besluit wordt specifiek de inwerkingtreding van voornoemde wet van 1 april 2026 en het besluit van 19 mei 2026 geregeld. De inwerkingtreding van de regeling van 5 mei 2026 is gekoppeld aan de datum van inwerkingtreding van de wet, hetgeen in de regeling zelf is voorzien (zie artikel III regeling).

De implementatiewetgeving treedt in werking op 20 juni 2026 en werkt terug tot en met 1 januari 2026. Inwerkingtreding van de nieuwe wettelijke RED III-systematiek met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026 zorgt voor een ononderbroken overgang van de oude naar de nieuwe wettelijke jaarsystematiek, gekoppeld aan vastgestelde jaarpercentages die met ingang van kalenderjaar 2026 een uitdrukking zijn van die nieuwe regelgeving. Brandstofleveranciers en overige geadresseerden van de nieuwe regelgeving zijn ruimschoots vóór 1 januari 2026 geïnformeerd over deze nieuwe regelgeving en daardoor in staat gesteld hiermee rekening te houden.

In artikel I van dit inwerkingtredingsbesluit wordt artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel e, van de Wet milieubeheer, van inwerkingtreding uitgesloten. Zoals aangegeven in de zesde voortgangsbrief implementatie RED-III vervoer5 is het amendement Veltman c.s. (Kamerstukken II, 36 766, nr. 15), aangenomen met vaststelling van artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel e, van de Wet milieubeheer, naar de letterlijke tekst van onderdeel e niet uitvoerbaar gebleken. De formulering van het amendement gebiedt om alleen leveringen van pure, ongemengde ethanol als biobrandstof inboekbaar te maken, om mee te kunnen tellen voor invulling van de jaarverplichting. Bio-ethanol wordt echter gebruikt in mengsels met benzine (bijvoorbeeld E10), maar niet geleverd als brandstof in pure vorm (E100). Gelet hierop is besloten om het bij amendement vastgestelde artikellid niet in werking te laten treden, maar een alternatieve wettelijke delegatiegrondslag (artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel c, van de Wet milieubeheer) te gebruiken om bij of krachtens algemene maatregel van bestuur alsnog uitvoering te geven aan de bedoeling van het amendement. Dit is inmiddels geregeld met de vaststelling van het nieuwe artikel 7, zevende lid, van het Besluit energie vervoer en artikel 6, vierde lid, onderdeel d, van de Regeling energie vervoer.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, A.W.H. Bertram


X Noot
1

Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europese Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Pb L van 31.10.2023).

X Noot
2

Wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 83).

X Noot
3

Besluit van 19 mei 2026 tot wijziging van het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 102).

X Noot
4

Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat van 23 april 2026, nr. IENW/BSK-2026/72492, tot wijziging van de Regeling energie vervoer en de Regeling brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU)2018/2001, Verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad [KetenID WGK 028178] (Stcrt. 5 mei 2026, nr. 15748).


X Noot
1

Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europese Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Pb L van 31.10.2023).

X Noot
2

Wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 83).

X Noot
3

Besluit van 19 mei 2026 tot wijziging van het Besluit energie vervoer en het Besluit brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad (Stb. 2026, 102).

X Noot
4

Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat van 23 april 2026, nr. IENW/BSK-2026/72492, tot wijziging van de Regeling energie vervoer en de Regeling brandstoffen luchtverontreiniging in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU)2018/2001, Verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad [KetenID WGK 028178] (Stcrt. 5 mei 2026, nr. 15748).

Naar boven