Regeling van de Minister van Economische Zaken van 24 maart 2017, nr. WJZ/17036996, tot wijziging van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 in verband met aanwijzing wereldwijd geharmoniseerde secundaire allocatie voor de Amateurdienst en het verminderen van beperkingen voor secundaire gebruikers voor de frequentiebanden 50,45 – 52,0 en 70,0 – 70,5 MHz

De Minister van Economische Zaken;

Gelet op; artikel 3.9 van de Telecommunicatiewet en artikel 3 van het Frequentiebesluit 2013;

Besluit:

ARTIKEL I

Bijlage 1. Radiozendamateurs Beperkingen en voorschriften als bedoeld in artikel 7, onder a, en examenvereiste als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 wordt als volgt gewijzigd:

1. De zesde regel komt te luiden:

F

15 watt e.i.r.p.

5,351.5

5,366.5

s

Toegestane effectief uitgestraalde vermogen van de zendinrichting ten opzichte van een isotrope straler (Equivalent Isotropically Radiated Power)

2. In de achttiende regel, wordt ‘Crossband- en duplexverbindingen zijn niet toegestaan’ vervangen door: Duplexverbindingen zijn niet toegestaan.

3. In de negentiende regel, wordt ‘Crossband- en duplexverbindingen zijn niet toegestaan’ vervangen door: Duplexverbindingen zijn niet toegestaan.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2017.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 24 maart 2017

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp

TOELICHTING

§ 1 Algemeen

In de eerste tabel in bijlage 1 van de Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 (hierna: Regeling) was de frequentieband 5,350 – 5,450 MHz aangewezen voor gebruik door de Amateurdienst op secundaire basis met een maximaal toegestaan zendvermogen van 100 Watt PEP. Op de World Radio Conference 2015 (WRC 2015) is afgesproken dat dit moet zijn: 5,351.5–5,366.5 MHz met een maximaal toegestaan zendvermogen van 15 Watt e.i.r.p.1 Daarmee is een wereldwijd geharmoniseerde secundaire allocatie voor de Amateurdienst aangewezen. Deze uitkomst van de WRC 2015 wordt door middel van onderhavige wijziging van de regeling geïmplementeerd.

In de eerste tabel in bijlage 1 van de Regeling was voor de frequentiebanden 50,45 – 52,0 en 70,0 – 70,5 MHz een beperking opgenomen voor crossbandverbindingen en duplexverbindingen. Op verzoek van de landelijke verenigingen voor radiozendamateurs VERON en VRZA en met instemming van de primaire gebruiker, is besloten dat een beperking ten aanzien van crossband verbindingen hier niet langer nodig is, zodat deze beperking geschrapt kan worden. Onderhavige wijziging van de regeling strekt daartoe.

§ 2 Regeldruk

De onderhavige wijzingen hebben geen (nadelige) gevolgen voor de regeldruk voor burgers, ondernemers, medeoverheden, medewerkers met een publieke taak of andere mogelijke betrokkenen.

§ 3 Inwerkingtreding

De wijziging onder nummer 1, met betrekking tot de frequentieband 5 MHz, is het resultaat van een internationale afspraak die op de WRC 2015 is overeengekomen. Daar is afgesproken dat deze wijziging op 1 januari 2017 geïmplementeerd zou zijn. Deze datum is niet gehaald. Nederland is door een van de deelnemende landen formeel verzocht tot spoedige implementatie over te gaan. De internationale afspraak moet in nationale regelgeving worden geïmplementeerd.

De wijzigingen onder nummer 2 en 3, met betrekking tot het doorhalen van het verbod op crossbandverbindingen, levert voordelen op voor radiozendamateurs en levert voor (andere) frequentiegebruikers geen nadelen op.

In afwijking van de minimum invoeringstermijn, wordt derhalve een beroep gedaan op met name uitzonderingsgrond 4 (internationale afspraken bieden onvoldoende ruimte voor toepassing voor minimale invoeringstermijnen bij aanpassing van deze nationale regelgeving) van het Kabinetsplan aanpak administratieve lasten inzake Vaste Verandermomenten (VVM). Uitzonderingsgrond 1 (doelgroepen zijn gebaat bij spoedige inwerkingtreding) geldt ten aanzien van de wijzigingen onder 2 en 3.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp

Naar boven